125.000 onterechte vliegbewegingen

De groeiruimte naar 540.000 vliegbewegingen - die zou moeten blijken uit de door Schiphol gepresenteerde milieucijfers - is gebaseerd op onnauwkeurige, onzekere en onwettige berekeningen. Dat blijkt volgens de Milieufederatie Noord-Holland (MNH) uit de Critical Review op Hoofdstuk 5 van de MER-Schiphol. “Alweer wordt duidelijk dat Schiphol niet verder kan groeien”, aldus Sijas Akkerman, directeur van de MNH.

Belangrijkste punt van kritiek uit de Critical Review is dat het gebruikte rekenmodel (Doc29) de geluidsbelasting tussen de 1 tot 3 dB-Lden te laag inschat. Akkerman: “Dat lijkt een klein getal, maar 1 tot 3 decibel verschil is zomaar 125.000 meer of minder vliegtuigen en 120.000 meer of minder ernstig gehinderde omwonenden. Omdat er zoveel van deze onzekerheden afhangt, zijn de berekeningen te onnauwkeurig om besluiten over de toekomst van Schiphol op te kunnen baseren.”

Of Schiphol mag groeien hangt onder andere af van de geluidsruimte die ontstaan zou zijn door het inzetten van stillere vliegtuigen en vliegroutes. Vijftig procent van die ruimte zou gebruikt kunnen worden voor groei. “De verdeling van de geluidsruimte is niet opportuun”, aldus Leon Adegeest (MNH). “Schiphol kan op geen enkele wijze aantonen dat de geluidsruimte hiervoor nauwkeurig genoeg berekend kan worden.”

“Bovendien zijn de berekeningen onwettig”, aldus Akkerman. “In de wet staat namelijk dat bewoners gelijke bescherming genieten. Dat betekent dat de geluidsoverlast nooit erger mag worden dan in 2004. Maar verdere groei van Schiphol is alleen mogelijk door die 30.000 extra vliegtuigen over dichtbevolkte gebieden zoals Aalsmeer en Uithoorn te laten vliegen. Van gelijke bescherming is dan geen sprake.”

Hieronder zijn de belangrijkste constateringen uit de Critical Review opgenomen:

  • Onjuiste of niet getoetste vaststelling van de gemiddelde stijging (vluchtprofiel) van startende vliegtuigen. Dit is nodig om een representatief profiel voor de geluidsberekeningen vast te kunnen stellen;
  • Verouderde dosis-effectrelatie waarmee het aantal ernstig gehinderden en slaapgestoorden te laag wordt ingeschat;
  • Gesjoemel met normen: ongeveer 40.000 nieuwe woningen en 76.000 nieuwe inwoners blijven in de berekeningen onzichtbaar. Dat komt omdat de norm voor het maximaal aantal ernstig gehinderde inwoners evenredig omhoog gaat met de toename van het aantal inwoners.
  • Volgens Schiphol kunnen omwonenden buiten de geluidscontour geen geluidshinder ondervinden, terwijl dit wel het geval is (MNH en GGD-onderzoek, Werkelijke Geluidshinder Schiphol 2018).

De Critical Review op hoofdstuk 5 van de MER-Schiphol is uitgevoerd door dr.ir. Leon Adegeest, ir. Sijas Akkerman (MNH) en MovingDot, PwC en een bewonersdelegatie.

Bijlage rapport: Technical Challenge MER NNHS Schiphol Deel 5 


Uitleg kritische punten

Onjuist

Dit heeft Schiphol onjuist berekend:

  • De gemiddelde stijging van startende vliegtuigen is onvoldoende onderbouwt en in onze ogen onjuist. getoetst. Dit is essentieel om een representatief profiel voor de geluidsberekeningen vast te kunnen stellen.
  • Ze onderzochten met een verouderde dosis-effectrelatie. Effect: het aantal ernstig gehinderden en slaapgestoorden wordt te laag ingeschat.
  • De fabrieksgegevens zijn niet gecontroleerd. Milieufederatie Noord-Holland (MNH) verwacht dat de geluidsproductie op een te laag niveau is meegenomen in de berekeningen.

Onwettig

“Wettelijk moet een MER alle milieueffecten in de leefomgeving (zoekgebied) in kaart brengen. Dat gebeurt in deze substituut-MER niet”, aldus Akkerman. Dat komt omdat:

  • Ongeveer 40.000 nieuwe woningen en 76.000 nieuwe inwoners blijven in de berekeningen onzichtbaar omdat het maximaal toegestane gehinderde woningen ernstig gehinderde inwoners evenredig meegroeit.
  • De vierdebaanregel – onderdeel van de wettelijk vastgestelde gelijke bescherming van omwonenden – volstrekt wordt genegeerd. Met de toepassing van de vierdebaanregel is groei sowieso niet mogelijk;
  • Volgens Schiphol omwonenden buiten de geluidscontour geen geluidshinder kunnen ondervinden, terwijl dit wel het geval is (MNH en GGD-onderzoek);
  • Klimaat, fijnstof, en alternatieven als de trein in plaats van het vliegtuig voor bestemmingen op korte afstanden onvoldoende of niet worden onderzocht;

Onzeker

Ook zitten er in de MER onzekerheden die een hoge of medium impact kunnen hebben op de uitkomsten:

  • De weerslimieten wijken af van de voorgeschreven weerslimieten;
  • Er ontbreekt onderbouwing voor de onderbouwing van de vierdebaanregel;
  • De onderbouwing van de gebruikte vliegtuigtypen is niet sluitend.
  • Niet verklaart kan worden waarom Doc29 ten opzichte van het oude rekenmodel sowieso de geluidsbelasting lager inschat.